Interferentie

Als we lang genoeg iets herhalen dan wordt het waarheid, een uitspraak die alles te maken heeft met de menselijke psyche en ons geheugen. Interferentie daarentegen is in de leerpsychologie het verschijnsel dat een leerling elementen uit het ene leersysteem ten onrechte toepast in het andere. Dit fenomeen geldt evenzeer voor volwassenen wanneer contexten en mindsets door elkaar heen gebruikt worden, vaak leidend tot ‘non-dialoog’ met bijhorende meningsverschillen. Na een korte informatieve introductie voegen we de daad bij het woord met – inspelend op de actualiteit – praktische voorbeelden, er is hoop maar geen garantie op succes.

Sporen en klontering

De systeemtheorie gaat ervan uit dat leerervaringen bij een leerling een resultaat achterlaten, dit noemen we een ‘spoor’. Zo’n leerresultaat moet als een psychologisch spoor worden beschouwd, niet als een fysiologisch. Deze sporen staan niet los van elkaar, zij vertonen een zekere samenhang en organiseren zich tot een geheel, een systeem. Daarbij verliezen ze een deel van hun individualiteit, er treedt homogenisering op tijdens de systeemvorming. Bijvoorbeeld, een van de technieken die een beginnend autorijder moet leren, is het overschakelen. Heeft hij dat onder de knie, dan heeft zich in zijn leersysteem een spoor gevormd. Maar daarnaast vormen zich andere sporen, het ontkoppelen, het remmen, het beheersen van de beweging door sturen. Het totaal is een klonter of denkcluster, sturen staat op zich als een spoor maar hoeft niet altijd betrekking te hebben op een auto, ook met de fiets moeten we sturen.

Het spoor bijster

In praktijk kunnen we ook het spoor bijster raken, we zijn dan het spreekwoordelijke Noorden kwijt. Eenvoudig vertaald wil dit zeggen dat een systeem – als bundeling van sporen – kan leiden tot perverse effecten die ons emotioneel beroeren en vrijwel spontaan protestacties laten oprijzen. Op dat punt wordt het zaak om het spoor te verleggen om dan te kijken tot welke uitkomst het leidt, hiermee zeggend dat we een ander systeem in de plaats kunnen stellen opdat conflicten overstegen kunnen worden. Dit vergt onderzoek naar de bron van het probleem en dat alsof het een computerprogramma betreft, het systeem laat z’n metaforische sporen na en regelmatige herziening is dan ook gepast. We kunnen hier denken aan Einstein die stelde dat de mensheid haar problemen niet opgelost krijgt binnen hetzelfde denken dan waarin ze veroorzaakt worden, een meer dan toepasselijke uitspraak binnen onze context.

Systeemconfiguratie

Van theorie naar praktijk duurt een relatieve nanoseconde, onze samenleving wordt geteisterd door repeterende economische crises en dat alsof het een natuurwet betreft. Nader onderzoek zegt ons echter heel andere dingen, dit brengt ons tot de hedendaagse systeemconfiguratie waarop al het andere geënt is. Aan de bron vinden we een verbluffende eenvoud, geld komt uit het spreekwoordelijke niets en wordt via banken in het circuit gebracht, hierna begint het geld te circuleren onder alle economische individuen die zich bundelen in verschillende organisaties, zij het staatsgebonden of behorend tot de bedrijfswereld. Deze bronconfiguratie wordt veel complexer door toevoeging van veel meer sporen en systemen, voor nu laten we deze complexiteit nog even voor wat het is. De bronconfiguratie is makkelijk in een beeld te vangen:

Minieme fluctuatie

Vlindereffecten zijn een gekend fenomeen in de systeemtheorie, het wil eenvoudig zeggen dat een minieme wijziging een bestaand systeem kan ‘opblazen’ waardoor een ander systeem zich kan nestelen in de samenleving. Het nieuwe systeem kan in kwalitatieve zin dermate verschillen waardoor een paradigmabreuk ontstaat, beproefde overtuigingen komen hierdoor onder druk omdat ze niet langer passen in de hernieuwde systeemconfiguratie. In psychologische zin worden hiermee een aantal sporen quasi letterlijk gewist om ze te vervangen door nieuwe, leidend tot een aangepaste modus operandi die idealiter resulteert in meer sociale cohesie. Toegepast op ons vereenvoudigd model vergt het slechts een kleine ingreep om een dergelijke transformatie te induceren, dit doen we door simpelweg alle partijen rechtstreeks te koppelen aan het spreekwoordelijke niets. Ons beeld wordt hiermee aanzienlijk verruimd, veel meer denksporen laten nu toe om onze problemen op een andere manier te belichten, in theorie een eenvoudig verhaal.

Tragische absurditeit

Ons aangepaste beeld lijkt misschien te eenvoudig om geloof aan te hechten, dit zou een schromelijke vergissing kunnen zijn. Immers, het beeld vertelt ons niets nieuws, het is alsof we terug in herinnering brengen van wat we schijnbaar klakkeloos vergeten zijn. Namelijk, de neutraliteit van geld stelt dat er a priori geen oorzakelijk verband bestaat tussen de geld- en goederenstromen, geld werkt als een ‘sluier’ maar er kan strikt gesproken nooit een tekort aan zijn. De eenvoudige koppeling van ‘niets’ aan alle spelers maakt dit transparant, tegelijkertijd maakt het ons bewust dat de hedendaagse crisis een tragische absurditeit betreft, letterlijk. En dit is geen zaak van schuldigen zoeken, onderzoek naar het systeem leidt spontaan tot deze onthutsende waarneming die we – misschien niet eens bewust – cultiveren door het systeem te blijven handhaven. De oplossing ligt dan ook voor de hand, paradoxaal genoeg is dat niet zo makkelijk dan de theorie laat vermoeden.

Nihil sub sole novum

De perceptie zou kunnen ontstaan dat de hier voorgestelde wijziging niet getuigt van realiteitszin door tal van factoren buiten beschouwing te laten, niets is minder waar. Het is net de realiteit die ons aan het denken zet en naar oplossingen laat vorsen, het resultaat is een radicaal andere benadering maar op zich ook niets nieuws onder de zon. Integendeel, in het gangbare systeem worden diverse elementen buitenspel gezet, wanneer we deze (her)integreren wordt onze economische visie verruimd op zo een wijze dat herstel veel sneller kan verlopen. In praktijk vinden we talloze rapporten die veel technischer zijn maar met dezelfde grondslag, zo staat in het Chicago Plan Revisited (IMF) de neutraliteit van geld eveneens centraal. Het rapport is te herleiden tot een aantal kernpunten die niets aan het toeval overlaten:

  • overheden mogen soeverein schuld- en intrestvrij geld drukken
  • drastische verlaging van overheidsschulden
  • drastische verlaging van private schulden
  • eliminatie risico op bankruns
  • betere controle over cycli van hoog- en laag conjunctuur

Systeemscheiding

De kernpunten van het Chicago Plan Revisited spreken boekdelen en staan in schril contrast met de ‘mainstream’ berichtgeving. Dit is logisch aangezien een ander denkspoor gevolgd wordt om tot herstel van onze economie te komen, dit betekent ook dat we quasi letterlijk een andere taal dienen te spreken. De twee systemen resoneren niet of nauwelijks nog met elkaar waardoor een paradigmabreuk ontstaat. Systeemscheiding is dan ook aan de orde om hier een beter begrip over te vormen, net zoals interferentie een bijzonder aandachtspunt vormt. Immers, verschillende sporen van het oude paradigma zullen overtollig blijken in het nieuwe paradigma, deze kunnen dan ook geschrapt worden waardoor een sociaal duurzame modus operandi zich steeds manifester kan doorzetten.

Mindgame

Zo we nu kunnen afleiden is de manier waarop gedacht wordt van cruciaal belang, we mogen dan ook besluiten dat de aanhoudende economische crisis gelegen ligt in het wel/niet toelaten van de reeds beschikbare alternatieven. Echter, het mengen van de verschillende denksystemen kan tot nogal wat turbulentie leiden, het is alsof de twee paradigma’s gescheiden worden door een imaginaire brug die we trachten over te steken. In theorie betekent dit de spreekwoordelijke knop omdraaien met als gevolg dat tal van monetaire verzuchtingen als sneeuw voor de zon verdwijnen, letterlijk. Anders gezegd, dit proces is als een ‘mindgame’ waarvan we niet op voorhand weten in welke richting het systeem zal omslaan. Veel metaforen verwijzen naar dit proces, finaal een kwestie van menselijke keuzes, onderwijs, bewustwording, normen, waarden en ethiek. (lees meer)